Hij ging al heel lang mee, van in 1994 nota bene. Dat is 17 jaar, als ik nog zonder elektronische hulpmiddelen kan rekenen. Zelf heb ik er nooit enig probleem mee gehad, maar de rest van de wereld – op een paar uitzonderingen na – bracht hij blijkbaar in de war. Nu, de meesten onder hen waren vanzelf al een beetje in de war, maar je moet het niet erger maken dan het al is, natuurlijk. Daarom heb ik vorige week afscheid genomen van fredegre, mijn eerste Twitternaam.

Hola, zullen de exemplaren die enigszins bij de pinken zijn nu te berde brengen, klaar om een ‘#fail’ van jewelste te delen met de wereld (of toch dat klein stukje van de wereld dat hun tweets leest). Ik weet het: in 1994 was er nog geen Twitter. Daar ben ik pas vijf jaar geleden mee begonnen. Maar in 1994 was er wel al e-mail, en tikte ik mijn eerste e-mailadres op de kop: fredegre@knooppunt.be. Hoe ik in godsnaam op die “fredegre” ben gekomen, is me nog altijd een raadsel. Was “fdg” al bezet? Zou kunnen. Was dat te kort? Eveneens mogelijk. In die tijd was me nogal bedreven in het opstellen van regeltjes. Dat gold zelfs voor Knooppunt, een kleine, wat alternatieve internetprovider waarvan de bezielers dachten dat ze de wereld konden verbeteren met computers. Ik moest onlangs nog aan ze denken, toen protestanten in Tunesië en Egypte zich wapperend met laptops ontdeden van hun lokale dictator…

Soit, toen had ik nog helemaal geen last van “fredegre”, maar met Twitter begon dat te veranderen. Een aantal mensen waarmee ik enkel via dat kanaal contact had, begonnen me plots “Fred” te noemen. Daar valt – zoals de heren De Bruyne, De Burghgraeve en Flinstone kunnen beamen – nog mee te leven. Andere mensen schreven het voortdurend verkeerd – fedegre, frdegre, alle varianten passeerden de revue. Oké, ook dat liep zelden fataal af.

Maar toen kwamen de Twunches, waarbij het al eens voorviel dat je je niet alleen met je echte, maar ook met je Twitter-naam voorstelde. Toen begon de miserie pas echt. “Hoe, zeg je? Furrurruh?” was zowat de meest gebruikelijke reactie. Doctor Hfuhruhurr had nog een makkelijker naam dan de mijne…

Vorige week dinsdag liep de emmer over. Ik ging toen naar de eerste sessie van GentM, een reeks presentaties, debatten en evenementen (in de jaren zestig zouden we dat gewoon happenings hebben genoemd) rond digitale cultuur in Gent. Zowat iedereen die er rondliep zat op Twitter, en dus was het voortdurend van “Fred?”, “Ah, ik dacht dat je het als Freedeegree moest uitspreken.”, “Hier zie, de Fre!”, enzovoort, enzoverder. Werkelijk elke ontmoeting begon met zo’n onnozele discussie. “Nu is het genoeg,” besliste ik die avond. “Fredegre gaat eraan!”

En zo geschiedde. En wat lees je dan op Twitter als een van de eerste reacties? “Ik vond @Fredegre net zo leuk!” En wie wordt er geciteerd in een blogpost die onmiddellijk na het evenement verscheen? Juist, ja.

De basterd.