Paradox van de week: hoewel tijdgebrek de voornaamste reden is waarom de meesten onder ons minder bloggen dan ze zouden willen, wordt er uitgerekend in de vakantie – wanneer we dus “eindelijk wat tijd hebben voor onszelf”, weetjewel? – minder geblogd dan anders. Sommige blogs liggen bijna helemaal stil, voor anderen is de vakantie het moment waarop de twijfel keihard toeslaat (gelukkig nét niet hard genoeg :-)). Vreemd…

Bij mij heeft het louter een praktische reden: omdat ik overdag vaak veel tijd verlies met het transport van de kids en van mezelve, slaaf ik op werkdagen zowat elke avond nog een paar uurtjes verder. Af en toe pauzeer ik dan even om enkele blogs te volgen of zelf wat te verkondigen. Maar nu ik vakantie heb, komt het er haast niet van om die stomme computer aan te zetten. En als ik het dan eens doe, zie ik zoveel mails en rss-feeds passeren dat er van bloggen niet veel meer in huis komt. Er viel de voorbije dagen nochtans veel te melden: over de rol van de (sport)journalisten in de dopingaffaires tijdens de Tour (hamvraag: waarom zijn er in ons land geen onderzoeksjournalisten die zich met sport bezighouden – of moeten we dat handvol onsamenhangende verhalen over de gokchinees daartoe rekenen?), over de berichtgeving over de moeizame formatiegesprekken (hamvraag: doet Leterme het nu echt zo slecht of is dat het beeld dat journalisten zo graag van hem ophangen – de man heeft nooit noemenswaardige inspanningen gedaan om zich populair te maken bij de pers, dus met politieke voorkeur hoeft dit niet eens iets te maken te hebben – en in dat laatste geval, zitten we dan niet met een probleem? Niet dat ik niet geniet van de Gal van Hertoginnendal, hoor… :-)), over de Gentse Feesten, die nagenoeg volledig aan mij voorbij zijn gegaan en ik dus maar virtueel heb gevolgd, over computers ook een en ander (maar dat ben ik vergeten) en uiteraard over de zin van het leven (maar toen was ik zat)…

Ach, de wereld draait door (goed programma, overigens), of zoals een voormalige collega bij De Standaard verdacht vaak noteerde uit de mond van mensen die hij interviewde: de honden blaffen, maar de karavaan trekt voorbij. Schoon, hé?